Atelierruimte gezocht!!!
i.p.v huur elke maand een schilderij…….
***SPOED***

Atelierruimte gezocht!!!
i.p.v huur elke maand een schilderij…….
***SPOED***
De gezellige decembermaand is weer aangebroken. Verjaardag van Frederique, Sinterklaas, Kerstmis en Oud en Nieuw. December is een maand voor overpeinzingen, feestverlichting, vergiffenis en diefstal. Een aantal mensen hebben wat om uit te geven, een groot aantal mensen geeft uit maar kan het eigenlijk helemaal niet missen en een groeiende groep mensen kan deze maand helemaal niks. Bij die laatste groep hoor ik, zal ook blij zij als deze maand voorbij is. Je wordt overal uitgenodigd, maar tegelijkertijd wordt je nergens toegelaten. Met heel veel moeite en kunstgrepen had ik twee honderd euro gespaard, of zeg maar bespaard. Heb regelmatig met de kinderen geen eten gehad en alleen water uit de kraan gedronken. Want ook ik wil een keer de schoenen van vier kinderen vullen en wat pakjes onder een denkbeeldige boom leggen. Dus vanmorgen naar de sportschool, daarna door naar de Action voor de cadeautjes. Dat eerste lukte nog wel, maar toen ik mij wilde aankleden, was mijn trainingsbroek weg. Met portemonnee. Had mijn kleding wel in een locker gedaan maar vergeten af te sluiten. Komt natuurlijk omdat ik sportschoolbezoekers associeer met sportieve vrienden, mensen met een gezond hart op de juiste plek. Twee honderd euro weg, geen cadeaus dit jaar, pinpasje van de schuldsanering foetsie en toen ik naar de stadsbank wilde bellen voor blokkade en aanvraag van een nieuwe, liep mijn belkaart leeg op onzinnige keuzenummers. Zonder mijn verhaal te kunnen doen. De maand is nog geen twee dagen oud en ik vind hem nu al gezellig.
Sinterklaas is niet getrouwd. Maar gay komt hij ook niet over. Ondanks zwarte knechten, baard en snor opereert hij geslachtsloos. Toch heb in het verleden menig vrouw bij de goedheiligman op schoot gezien. En merkte dat er niet bepaald afwijzend op werd gereageerd. Altijd zag ik de sneeuwwitte handschoenen betasten. Vanavond vroegen Bibi en Fred of ze de schoen mochten zetten. “Ja natuurlijk dames” antwoordde ik triomfantelijk, toevallig was ik `s middags bij de supermarkt geweest. Bibi gelooft al sinds een jaar niet meer in sprookjes, maar toch als het moment nadert, wordt ze weer klein, heel klein. Vijf verzoekbriefjes voor de Sint, bepaald geen goedkope cadeautjes. Bewijs dat ze nog twijfelt. Want moet het van vaders afkomen dan is ze realistisch genoeg om niet te overvragen. Wel heeft zij een lievelingswens die nooit op papier komt. Net als zij die bij mij wil uitspreken, komt Fred mat haar laars de kamer binnen. Fred is realistisch, een laars kan meer bevatten dan welke schoen dan ook. Maxime plaatst ook een laars bij, maar zingt niet mee. “Zou de Sint dat erg vinden papa?” vraagt Bibi en kruipt na het laatste couplet nog even op schoot. “Je weet toch wel wat mijn grootste wens is pap…….?” Ik knik van nee. “………dat jij en mama weer samen komen. Het kost niets papa” fluistert Bibi in mijn oor. Opeens begint Wollie te piepen. “Welke Piet haalt er een blaadje witlof voor Wol?” Piet Bibi rent al naar de keuken. Saved by the bell.
“Riders in the storm”. Deze song van de “Doors” roept bij mij bepaalde beelden op. Ik zie lange leren jassen, motorrijders, gekromd tegen herfstige stormen inrijden. Gladde wegen, extra ingezeept met afvallend blad. Het is een natte, koude maandagmorgen. Aan mijn fiets bungelt inmiddels een halfvolle boodschappentas. Mijn koffie was op dus moest ik naar de super. Vlak nadat ik ben overgestoken zie ik twee geelgejaste ambulancemotoren met felblauwe zwaailichten. Er is iets aan de hand. “Kijk zelf maar uit” denk ik als ze met veel bravoure tussen schrikkerige automobilisten stunten. Even blijf ik bij die motorrijder die ooit vóór mij reed. Samen snelden wij door oranje lichten. Bij elk stoplicht gaf hij extra gas, dat deed ik ook. Bij het laatste licht deed ik dat ook. Hij niet. Plotseling trok hij aan de noodrem en kwam kort daarna tot stilstand. Dit duurde maar even. Door mijn extra gas, werd hij een meter of dertig gelanceerd. Ik vreesde het ergste. Toen de stormrijder weer bewoog, zette ik hem snel op zijn motor die wonder boven wonder gewoon startte. Voordat iedereen het in de gaten had, was ik weg. Bij de Markt zie ik drie horecaondernemers levenloos in deurposten hangen. Maandag, koud, regen, leuk vooruitzicht. Als ik het “sluit de boel maar”-gebaar maak, lachen ze niet terug. Kletsnat thuisgekomen wil ik na een hete douche een koffiepad in de Senseo proppen. Vergeten. Dus weer terug en de horecamensen hebben zich niet verroerd. Alleen heb ik het gevoel dat zij nu glimlachen.
Onlangs Kroontje die mij vond, nu was het Hans die na veertig jaar op de digitale stoep stond. Hans heet geen Hans, maar ik noem hem zo. Dat is prettiger, voor Hans. Hij zat bij mij op de kostschool in Eindhoven. De school was zeer exclusief, maar dat besefte ik pas achteraf. Werd bestuurd door broeders, dat merkte ik gelijk. Kinderen van Philips, kinderen van burgemeesters, kinderen van ouders met zaken. Er zaten kinderen van twintig op de MAVO. Maar Hans ging gelijk met mij op. Alleen, Hans was niet zo`n sterke persoonlijkheid. Dat wil zeggen, hij durfde nooit nee te zeggen. Tussen allemaal broeders, was het best wel handig als je van je af kon bijten. En dat kon Hans dus niet. Een weekeindje naar huis en steun bij zijn ouders zoeken hoefde hij ook niet. Nu had hij mij eindelijk gevonden, na ruim veertig jaar. Wilde mij bedanken. Op een avond zag ik dat Hans bij de directeur op zijn kamer moest komen. Dat vond ik vreemd als je overdag voldoende tijd hebt. Luisterde aan de deur en toen ik hoorde dat Hans het uitschreeuwde van de pijn, rende ik naar binnen. Trapte broeder overste in elkaar en kreeg een maand schorsing. Hans “werd verder met rust gelaten” schreef hij. Ik bedankte hem, dat hij de moeite had genomen om mij te vinden en adviseerde hem de broedergilde alsnog te vervolgen. “Dat wordt een beetje moeilijk” antwoordde Hans, hij was dertig jaar geleden tot de zelfde orde toegetreden.
We schrijven precies veertig jaar geleden. Honduras en El Salvador zijn in een oorlog verwikkeld. Deze vierdaagse oorlog ontstond door een voetbalwedstrijd. En staat bekend als “la Guerra del futbol”. Het is één jaar voor het wereldkampioenschap in Mexico. Beide landen strijden nog voor een plek. De eerste wedstrijd in Honduras werd door het thuisland gewonnen. De spelers van El Salvador werden de nacht voor de wedstrijd uit hun slaap gehouden. De return was voor El Salvador. Hier werden de spelers van Honduras uit hun slaap gehouden. Lawaai, stenen door de ruiten, dode ratten werden naar binnen gegooid. Dus beslissingswedstrijd. Na een reguliere twee twee, bracht de verlenging uitkomst. Maar bracht ook oorlog. Vijf duizend doden, tien duizend gewonden, vijftig duizend daklozen. Dank zij het voetbal. Ik moest hier vandaag aan denken. Ierland is in rep en roer. En terecht. Door een laffe Franse handsbal werd Ierland uitgeschakeld. En niet Frankrijk. De Ierse regering pikt dit niet en eist dat de wedstrijd wordt overgespeeld. Zo kan dus een nieuwe voetbaloorlog ontstaan. Als dat zo is, sluit ik mij aan bij de arme Ieren. Als huurling zal ik mijn leven in de waag stellen om die nare Fransen een lesje te leren. Ook hier blijkt wederom dat Frankrijk beter af zou zijn zonder Fransen. Rinus Michels riep het al voor de door Nederland desastreus verloren finale tegen de Duitsers in 1974. Voetbal is oorlog! Ik ben vergeten wie die beslissingswedstrijd in Mexico had gewonnen. Het maakt niet uit. L`histoire se repète?
Nadeel van eigen baas zijn is dat je nooit waardering krijgt van een meerdere. De enige die boven je staat is de fiscus. Zo lang het goed gaat lacht die altijd. Maar dat gaat alleen over geld, hier spreekt geen waardering uit. Loonsverhoging kun je jezelf makkelijk toebedelen, tenslotte beschik je over de sleutel van de kluis. Vrij nemen wanneer je zin hebt hoef je met niemand te overleggen. Maar, die schouderklop, de oprechte waardering, de beroemde envelop of het summum, het kerstpakket, dat zal eeuwig ontbreken. Natuurlijk heb ik als ondernemer honderden kerstpakketten gehad van leveranciers, van banken. Maar nooit van een baas die iets gaf voor bewezen diensten. Voor trouw, inzet, eerlijkheid en waardering. Hoef nog net niet in therapie, maar een vorm van kerstpakkettensyndroom is duidelijk aanwezig. In deze periode van het jaar komt het altijd weer opzetten. Zie overal bestelautootjes stoppen met gezellige dozen er in. Lachend worden die bij bedrijven naar binnen gedragen. Ik zie al de vrolijke gezichten va het personeel voor me. Dankbaar worden de dozen in ontvangst genomen. Men weet `s avonds niet hoe snel men naar huis moet rijden om samen met moeders en kinderen het pakket open te scheuren. Tussen al het stro zitten prachtige potten jam verstopt, toastjes, onbekende flessen wijn. Ragouts, een blikopener en snoepjes voor de kinderen. Dat tegenwoordig de helft van de doos leeg is en aan een goed doel is geschonken, dat is nieuw voor mij. Maar een kniesoor die daar op let. Baas, bedankt!
Het fokprogramma van Bibi en Clea verkeert opeens in een patstelling. Aan mij ligt het niet, hoewel ik nou ook niet bepaald stond te juichen. Clea heeft haar cavia inmiddels. Aan de ouders van haar ligt het ook niet. Wolly, de mannelijke cavia van Bibi zou een vriendin krijgen. Clea die helemaal gek is van Wolly, had thuis net zo lang gezeurd dat zij ook een cavia mocht uitzoeken. Haar keuze was op een bruinharig vrouwtje gevallen. Met midden op het hoofd een wit pluimpje. Vanzelfsprekend had Stuffie de allerliefste bruine kraaloogjes van de hele wereld. “Oogjes, waar Wolly welk eens op zou kunnen vallen” vertelde Clea een paar weken geleden trots. De dames keken elkaar toen begrijpend aan en het fokprogramma was geboren. Wiskundige tabellen werden op papier getoverd. Logeerschema’s, vanzelfsprekend vergezeld door de dames. Alleen maar voor vijf of zes van die kleine bolletjes wol. Dit was het hoogst bereikbare in de verzorgingswereld van Clea en Bibi. Toen Clea afgelopen week een beetje beteuterd Stuffie kwam laten zien, bleek zij niet bruin. Een prachtig zwart exemplaartje, wel met een wit pluimpje op het hoofd. “En het is ook geen vrouwtje” begon Clea plotseling te huilen. Bibi huilde spontaan mee. Stuffie was al door een ander meegenomen, er restte niet anders dan Spotty. “Geeft niks hoor Clea” troostte Bibi haar vriendin “ze kunnen toch mooi vriendjes worden?” Clea knikte heftig van ja en de twee cavia’s werden voorzichtig aan elkaar voorgesteld. Een lekker blaadje witlof maakte het feestje compleet.
Soms weet je niet of je iemand moet verbeteren, moet helpen. Maakt iemand een domme fout, dan vind ik het al gauw gênant. Dan laat ik hem liever denken dat hij het goed heeft. “Ja pap, dat heb je pas vier keer verteld” kan Maxime zo heerlijk inwrijven. In mijn streven mijn kinderen wat wijsheid mee te geven, heb ik inderdaad de neiging om een aantal wetenswaardigheden overdreven vaak in de sluimerende hersenen te drillen. Voor mijn gevoel wisten wij vroeger veel meer. Dus die tekortkoming tracht ik zodoende te compenseren. Onzin natuurlijk, want het gaat er alleen nog maar om waar je de dingen kunt opzoeken. Parate kennis heeft geen waarde, niemand luistert naar je. Domme mensen verbeteren, stotteraars aanvullen. Vroeger had ik een aantal personeelsleden die hevig haperden in de mondholte. Als je haast hebt is dat niet altijd even handig. Dus was ik geneigd om voor hun de zin af te maken. Waarom wachten? Vanmiddag bij Albert Heijn. Hij rolstoelde voor mij naar binnen en later struikelde ik bijna over zijn kar. Zag een hulpeloze vragende blik omdat hij natuurlijk nergens bij kon. Wat moet je doen dan? Wat is je houding? Zonder na te denken vraag ik of ik kan helpen. Gelukkig, het kan. Heel langzaam verlaten zijn woorden zijn mond. Of ik even de vegetarische kiwi’s wil aanreiken. “De biologische zul je bedoelen” zeg ik lachend. Hij kijkt mij serieus aan. “Ja d…dddad.d.dddddat bbbedddoooel…………….” “ik ook” vulde ik hem aan. Had nog meer te doen.
Toen wij opstonden rende zij naar haar schoen. En zowaar, de Sint had er twee zakjes snoep ingedaan. Fred en Julia keken een beetje beteuterd, maar zij weigerden gisteren de aankomst van de Goedheiligman onder ogen te zien. Bibi en Clea waren wel even gegaan, maar waren gepasseerd met de snoepuitdeling. Clea gelooft er nog heilig in. Bibi is al twee jaar verder, maar zette toch slim haar schoen. Julia bleef bij ons logeren, dus papa weer op de gang. Een enorm kussengevecht was het laatste teken van leven. Vanmorgen ging Fred met Julia mee naar huis. Bibi alleen bij mij. Dat vindt zij heerlijk, papa voor haarzelf. Eergisteren nog met haar gescrabbeld, alleen de letters Q en X deden niet mee. Vanmorgen ging zij in haar eentje Monopolyen. Na een uurtje hield Biebel het voor gezien. En werd ze winkeltje. Zij was èn verkoopster èn klant tegelijk. Het onderhandelen over de prijzen, iets wat zij in Marakech als leuk had ervaren, is dan ook snel afgerond. Grote plastic tassen worden volgeladen met allemaal spullen die links en rechts rondslingeren. Op de laptop wordt de administratie bijgehouden. Het Monopolygeld komt van pas, geen dubbeltje verdwijnt. Zij is vreselijk precies. De zakjes snoep worden intussen steeds kleiner. Geloven in de Sint of niet, dit smaakt beter dan oud brood. Toen moeders belde of ze vanmiddag meeging naar een feestje met livemuziek en lekkere hapjes, zag ik een tevreden gijns. De winkel werd gesloten en Biebel kwam heerlijk even op schoot knuffelen.
Laat ik maar met de conclusie beginnen. Perfectie bestaat niet. “Wees niet bang van de perfectie, je bereikt ze toch nooit” zei mijn leermeester Salvador Dali. “Wat is perfectie dan?” vroeg ik. “Volkomenheid. Volmaaktheid. Volledigheid”. Vraag honderd mensen wat perfectie is en je krijgt honderd verschillende antwoorden. Soms hoor ik klassieke muziekstukken waar ik ongevraagd het etiket perfect op plak. Elke noot staat op zijn plek. Het zelfde nummer kan ik de hele dag achter elkaar horen. Mogelijk wel maanden achter elkaar. En als er geen andere nummers zouden bestaan mijn leven lang. Ik heb schilderijen in Het Louvre gezien waar ik wel weken voor zou kunnen zitten. En nog zouden zij mij niet vervelen. Films heb ik gezien, waarin ik na een paar minuten al deelnam en pas tijdens de aftiteling weer netjes in de zaal werd afgezet. Voetbalwedstrijden met vlagen perfect voetbal, dat was ooit, maar dat is lang geleden. Als ik Frank Sinatra My Way hoor zingen, is dat voor mij perfectie. Maar kan ook heel goed zijn dat ik perfectie verwissel met geluk. Soms voel je een vlaag geluk door je lichaam heen stromen, dat is een perfect gevoel, een gevoel van liefde ook. Liefde, geluk, perfectie, de gouden driehoek. Robbie Williams in The Royal Albert Hall geeft mij dat driehoeksgevoel, mijn kinderen doen dat soms ook. Friedrich Nietzsche zei het al, “een redmiddel tegen de perfectie is liefde”. Daar sluit ik mij bij aan. Laat ik dan maar verliefd worden. Of ben ik dat al?
We zitten in een Jerry Springer-achtig tijdperk. De donkere kant van ons bestaan moet op straat liggen, anders tellen we niet meer mee. Komt mede door Hyves en andere communities. Misschien komt het ook wel door de overheid. Die weet inmiddels toch al bijna alles over ons en waarom zouden we voor dat laatste stukje privacy nou zo moeilijk doen? Toen ik onlangs een paar weken geen telefoon had, gaf het direct een stukje rust. Afgesloten van de wereld. Zo voelt het dan. Dus hoe zalig moet het zijn om alle stekkers er uit te trekken, je gezicht laten verbouwen, je paspoort in de papiervernietiger en ergens op een verwegstrand “aanspoelen”? Toon je geen emoties, dan kun je wel inpakken. Leed scheidt, maar verenigt ook. Eerst lekker ruzie maken, daarna de verzoeningswip. Als het kan voor de ogen van geheel Nederland. Emo tv, ellende verkoopt. Het lijkt wel alsof we emotioneel incontinent zijn. De camera als plasgoot. We schamen ons nergens meer voor. Plotseling een man als vrouw verkleed, samen met zijn echtgenote op de bank. “Dit is mijn leven, zo heb ik mij altijd gevoeld”. Zijn vrouw accepteert het. Samen lekker op de buis. En morgen gewoon weer naar de baas. Terror Jaap zat bij Jenssen op de bank te schouderschokken. Weegt nu tweehonderdtwintig kilo en zal uiteindelijk zwelgen in zijn eigen vet. Zegt hij. Maar Jaap is een acteur. Een slechte ook nog. Hij had zijn winstpremie bij de DSB bank geparkeerd. Dat geloof ik nou weer wel.
Vele beroemdheden gingen Maxime voor. Al tientallen jaren verlaten zij de Kunstacademie in Arnhem. Vooral de modeafdeling scoort hoog. Morgen gaat Max naar de open dag. Natuurlijk wilden de boefjes mee, maar de kunstenares in spé wil alleen met vaders. Voor mij is het lang geleden dat ik er binnen was. Zal nooit vergeten hoe hard de meisjes van de mode moesten werken. Kwam ze tegen in café Meijers, het artistieke bolwerk in de jaren zeventig. Na een week hard ontwerpen, knippen en naaien, bracht dit café op zaterdagavond verstrooiing. Natuurlijk was ik paraat. Blond haar, blauwe ogen, de mooiste billen ever en een Limburgs accent. Marliz, de echtgenote van onze muzikale hofnar Hans Liberg. Onwetend begaf zij zich in het hol van de leeuw. Een paar maanden lang mocht ik haar inwijden in de Arnhemse kunstscene, veel verder dan haar kamertje kwamen we niet. Zij moest echter op de Academie zoveel uren maken, dat er voor mijn anatomische studies niet veel tijd overbleef. Daar ik toch wel dagelijks een aantal uren moest oefenen, bedankte ik Marliz na een half jaar trouwe dienst. Elke keer als ik haar echtgenoot nu op de buis zie grappen met noten en toonladders, denk ik aan de billen van Marliz. Ronder dan rond. Helaas kwam ik haar een paar jaar geleden tegen, waarmee de billenballon uiteen spatte. Morgen zullen in de creatieve droomfabriek mij zulke gedachten omringen. Maxime zal met een paar jaar de podia bestormen. Gelukkig hoeft zij in Arnhem niet op kamers.
Nooit zullen mijn gedachten te ruste gaan, misschien heel even als ik slaap. Toen ik klein was, bedacht ik van alles. Heel veel dingen die toen aan mijn brein ontsnapten, kwamen later in productie of werden geldmachines. De prepaid belkaart had ik al bedacht voordat telecombedrijven de kans kregen. Nu heb ik weer een gouden idee. Niet zo zeer dat ik er rijk van kan worden, maar het is wel zeer actueel. De huidige maatschappelijke plaaggeesten Eenzaamheid, Armoede, Asociaal en Ontevredenheid treffen elkaar op een bescheiden platform. Veel mensen die het goed kunnen betalen, hebben er een hekel aan om alleen uit eten te gaan. Dus doen ze het niet. Ze voelen zich bekeken. Strop voor de horeca. Veel mensen die het niet kunnen betalen, zouden graag eens uit eten willen. Desnoods uitgenodigd door iemand uit de eerste groep. Bingo voor de horeca. Iemand moet dit centraal coördineren natuurlijk. Is wel duidelijk natuurlijk wie. Daarnaast ook mooi zelf zeven dagen per week in een restaurant. Dat afzakkertje bij haar thuis neem ik dan maar op de koop toe. Bij een ander gouden plan kreeg ik direct de Partij voor de Dieren op mijn nek. Het idee was om alle accu’s van rolstoelen te vervangen door vierspan sledehonden. Geen accu’s, geen verkwistende kilometers van hondenuitlaatservices meer. Maar bij gebrek aan poolhonden, zou elke hond opeens tot werkhond worden gebombardeerd. Dat was mishandeling volgens Marianne Thieme. Had ik nou maar gewoon die belkaart doorgezet. Dan had ik mijn gedachten daarna vrijaf kunnen geven.
Vanmorgen om vijf uur op om te gaan schrijven. Koud, donker. Beetje wankelend, omdat de lamp in de gang het niet doet. De computer aangezet. “Goedemorgen Wolly”. Hij antwoordt direct met een vrolijk gepiep. Of is het een hongerpiep, zijn etensbakje is leeg. In de keuken de Senseo geactiveerd en op de terugweg de kachel aan. Buiten beweegt de boomtop voor mijn balkondeur hevig en ik zie vette regendruppels tegen mijn raam. De eerste mails melden zich en ik doe een lamp aan. “Toch heeft het wat, die herfst”, denk ik. Daar ik nog poedel rondloop, spring ik snel in wat spullen van gisteren. Ben elke dag een paar uur bezig met het herschrijven van mijn boek, het lukt aardig. Mijn zoon om half acht geroepen, die heeft alleen het eerste en het laatste uur. Verleidelijk om dat eerste dan maar over te slaan. Het wordt nu langzaam licht en het verkeer zwelt aan. Je hoort de banden water verplaatsen. De radio werpt klassieke klanken, maar iets na half acht moet ik wijken met mijn zender. Zoonlief die er uitziet alsof hij gewoon de hele nacht rechtop wakker in bed heeft gezeten, springt onder de stralen en knapt per seconde op. Als ik stiekem mijn zender weer opzoek, komt er een gebrom uit de douche. “Pap, niet doen, dat weet je toch?” Als hij naar school is ga ik schilderen. Meer ideeën dan doek, dus zoek ik een schilderij uit dat ik kan overschilderen. Het belooft een mooie herfstdag. Binnen.
Zomaar een dag in november. “Vrijheid moet steeds verdedigd en heroverd worden!” Deze historische woorden sprak Angela Merkel gisteren bij de voormalige Muur in Berlijn. “Waarom moet de vrijheid steeds worden heroverd?” denk ik dan. “Waarom is dit geen standaard goed?” Gamers stonden afgelopen nacht in de rij voor het ultieme oorlogsspel “Call of duty 2”. Maar Kamerleden protesteren tegen de zeer realistische oorlogsbeelden. Is dit ook een vorm van vrijheid? Herman van Veen, vele jaren actief en succesvol in het Duitsland van na de oorlog, mobiliseert Nederland. Hij vergelijkt de partij van Wilders met de NSB. Als we de PVV-stemmers bij zijn optredens wegdenken, dan is een derde van de zaal leeg. Wij hebben de vrijheid om te kiezen op wie wij willen, wij hebben ook de vrijheid om wel of niet naar de schouwburg te gaan. Noord- en Zuid Korea speelden vandaag oorlogje. Noord zou over de denkbeeldige scheidingslijn die dwars door het water is getrokken, zijn heen gevaren. Waarop Zuid een schot voor de boeg gaf. Noord voer lekker door en Zuid schoot met scherp. “Wat is vrijheid?” vroeg Frederique mij. “Ik denk wel dat ik het weet papa, maar kan het niet goed omschrijven”. Zelf zit zij tussen een aantal msn-gesprekken geklemd omdat zij te eerlijk is. “Vrijheid is als de wind die de duinen doet veranderen, maar de woestijn in tact laat”. Fred keek mij fronzend aan. Wie weet zijn de gamers van nu wel de soldaten van straks die onze vrijheid verdedigen. Of heroveren.
Even een moment stilstaan. Soms mag dat. Achterom kijken, lucht bijhappen en weer doorgaan. Dat is het leven. We worden overvoerd met records, statistieken en mijlpalen. Het is niet meer bij te houden. Daarom doe ik er nog maar een bij. Mijn column. Dit is mijn vijfhonderdste!!! Zoals altijd gevuld met tweehonderdvijftig woorden precies. Twee jaar geleden begonnen als oefening voor “schrijven = schrappen”. Een marmerblok zegt ook weinig, maar als Brancusi gaat slijpen, ontstaat er wat. Volgens Berry Kessels van De Gelderlander liet ik in mijn lijvige romanscript “…….door God gezonden” te weinig aan de fantasie van de lezer over. Zijn literatuurclitoris zou hierdoor niet geprikkeld worden. Dus amputeren geblazen om de fantasie van de lezer ruimte te geven. Als twee geliefden naar boven gingen, liet ik de camera doordraaien. “Stop!” riep Berry, “niet doen! Doe die slaapkamerdeur dicht en aan het gesprek, of juist géén gesprek bij het ontbijt kan de lezer de afgelopen nacht zelf invullen.” Dat moest ik beamen. Dus columns. Jaarlijks meer dan zestig duizend bezoekers met vele reacties. Vaak niet geplaatst omdat zij te persoonlijk waren. Heel veel mensen hebben mij bedankt omdat de verhaaltjes zo herkenbaar zijn. En belden mij als ik een paar dagen niets had geschreven. Mensen kwamen naar mij toe. Dat een verhaal hun tot tranen bracht, of in het geval van Bjorn, zelfs zijn leven veranderde. En dat doet me deugd. Even een moment stilstaan. Soms moet dat. Achterom kijken, lucht bijhappen en weer doorschrijven. Dat is mijn leven.
Ik kan me voorstellen dat een land niet blij is met een epidemie die naar dat land vernoemd is. Vooral als het niet vaststaat dat de bron van alle ellende zich in dat land bevindt. Miljarden dollars aan toeristeninkomsten zullen buiten Mexico besteed worden. In het verleden heeft de aarde nog wel eens bezoek gehad van ongenode virussen. Al in de tweede eeuw kostte een pokkenepidemie vijf miljoen mensenlevens, de Spaanse griep een honderd jaar geleden ongeveer veertig miljoen. AIDS overtreft deze aantallen ruimschoots. Al deze gegevens gooide ik bij de bakker in de groep. Als je de kinderen van school moet halen en voor je staan een aantal treuzelaars, een aantal socioshoppers zoals ik ze altijd noem, dan zou je het liefste willen voordringen. Socioshoppers zijn mensen die niets te doen hebben, die blij zijn met een praatje van de juffrouw achter de toonbank omdat ze verder niemand hebben. “Als je niets te doen hebt, doe het dan niet hier”. Gezegd dient te worden dat je er niet veel vrienden mee maakt. Maar daarvoor ga ik ook niet naar de bakker. Als er ook nog zo nodig geproefd moet worden van een besmeerde krentenwegge waar ik net nog een paar vliegen op zag zitten, slaan bij mij de stoppen door. Als door een dolle neger gebeten, begin ik enorm te hoesten, tussendoor rochelend dat ik beter niet naar Mexico had kunnen gaan. En zo ja. Als sneeuw voor de zon slinkt de rij, zelfs één persoon keert brodeloos huiswaarts.
De modewereld is een harde wereld. Elke wereld is hard als je de top wilt bereiken, maar de modewereld is een wereld op zich. “Een valse, kunstmatige nepwereld met uitgehongerde modellen”, volgens Alexis. Alexis woont in Milaan en was tot voor kort modeontwerpster voor een beroemd modehuis. Vanavond kwam zij via mijn site bij mij terecht. En het klikte. Of het kwam omdat ze mijn schilderijen “bellissimo” vond, of dat het kwam doordat ze er goed uit zag, ik weet het niet. Maar we begrepen elkaar. Toen ik trots vertelde dat mijn dochter Maxime professioneel model wil worden, werd ze even stil. Ook vertelde ik dat ze altijd precies deed wat ik niet wilde. Zij nam mij bij de hand en leidde mij achter de coulissen. Ik zag graatmagere breekbare jonge meisjes proberen bij mannen op leeftijd in het gevlei te komen. Ik zag modellen met duurbetaalde portofolio`s onder de arm het ene kantoor in, het andere uit lopen. Ik zag meisjes huilend op een achteraf kamertje met een rietje om zich weer op te peppen voor de volgende auditie. Ik zag haat en nijd, afgunst, jalousie, leugens, diefstal, honger, krabben en bijten en soms een lach. Ik had genoeg gezien. “Dit is slechts een tipje van de sluier”. Zij doelde op modehuizen, ontwerpers, commercie, concurrentie, bedrijfsspionage, deadlines, kinderarbeid en de maffia. Ik wist nu voldoende. Stuurde direct een smsje naar Maxime die ergens aan het oppassen was. “Max doe je best in de modellenwereld, ik sta er helemaal achter”.
Als je in de gaten wordt gehouden, opereer je voorzichtig. Dat geldt zeker voor leden van het Koninklijk Huis. Altijd heb ik een warm gevoel gehad voor deze familie. Nooit heb ik mij gerealiseerd dat ze een aardige hap uit onze begroting nemen en er weinig voor terug doen. Je merkt ook dat ze geen normale baan hebben, maar altijd op zoek zijn naar een dagvulling. Mijn favoriet uit de stamboom is Bernard. Een levensgenieter, een man met maling aan protocollen. Was dan weer Duitser, dan weer Nederlander, dan weer wereldburger en dan weer jager. Zijn kleinzoon Willem Is meer betrouwbaar als echtgenoot maar heeft het gewoon niet. Probeert op zijn moeder te lijken. Geen betonnen kapsel, maar wel die zelfde wereldvreemde blik. Door de vaderlandse pers op de hielen gezeten vanwege een beleggingsobject in Mozambique. Een zeer pijnlijke investering, die je in deze tijd van broekriemen niet meer kunt verdedigen. Met je hele hofhouding een paar keer per jaar naar Afrika vliegen voor een paar dagen vakantie wordt door onderdanen niet gepikt. Velen daarvan kunnen zelf nooit op vakantie. Dus dacht Alex, geld besparen! Samen met Spaanstalige Maxima schreef hij een paar Spaanse regels in een Engelse speech die hij in Mexico hield. Foute vertaling, want hij gooide zinnen als bakken stront de zaal in. Geld voor een tolk bespaard, naar valse zuinigheid! Mijn enige band met het Koninklijk Huis is alleen nog maar per post. Want heel veel brieven die ik krijg beginnen met “…..in naam der Koningin…”
Recente reacties