Vingers

Onverwachts zat ik in het ziekenhuis. De kraamafdeling kende ik wel, de poli was nieuw. Uitgerekend midden in een belangrijke vergadering werd ik door Charlotte gebeld. Waar ik was? “Midden in een belangrijke vergadering” zei ik. “Oh” klonk het teleurgesteld. Mijn ex belt nooit zomaar. Ze had de voordeur dichtgetrokken, autosleutels en huissleutels lagen binnen. “Twee uur wachten op een helpende sleutel is  niet gezellig voor de kleintjes” moet Charlotte hebben gedacht. Een prachtige aluminium opvouwtrap van de buurvrouw bracht uitkomst.  Om het balkon te bereiken simpelweg openvouwen en met de handen niet tussen de tandraderen geraken. Makkelijk gezegd. Een half uur later opnieuw telefoon. Charlotte huilend aan de andere kant. Aanvankelijk verstond ik niets, maar tussen de tranen, pleisters en rode fonteintjes door werd het mij duidelijk. De ladder was haar Waterloo geworden. Hand gekneusd of misschien wel gebroken. De kinderen waren bij de buurvouw gestald en Charlotte naar de poli. Ik haalde de kinderen op die behoorlijk overstuur waren. Zij hadden het bloedrode handlandschap van mama van dichtbij gezien en moesten overgeven. Toen wij naar het ziekenhuis reden passeerden allerlei spookbeelden. Langzaam bracht ik Frederique en Bibi tot bedaren en toen de slagboom van het ziekenhuis opende, waren ze muisstil. In de wachtkamer werd alweer gespeeld. Het bleek allemaal mee te vallen. Foto`s, een tetanus injectie en een lieve dokter die aan de vinger trok. Dat vonden de boefjes interessant. Toen de dokter ook hun vingers goedkeurde, was al het leed geleden. En mama? Mama werd extra vertroeteld.

~ door Paskie op 29 mei, 2009.

Eén reactie to “Vingers”

  1. Ai, pijnlijk! Wens C maar veel sterke! M.

Reageer